© George Burggraaff

Toelichting bij Tao tekst 11

In de leegte is ruimte.

Soms lijkt de Tao zo vaag, abstract bijna.
Hier is de Tao glashelder en sensationeel.
Plots wordt duidelijk, het gaat om de lege ruimte.
Om de stilte, om het niets.
Daar kunnen dingen gebeuren. Daar gebeurt het.

Tegelijkertijd is de afbakening van die leegte nodig
om er iets mee te kunnen doen.
De pot vullen, het wiel laten draaien, de wereld zien.
Voor die afbakening heb je materie nodig.
De naaf van het wiel, de klei van de pot, de stenen van het huis.
De grond waarover wij lopen.
Mogelijkheden vloeien voort uit de balans tussen materie en leegte,
tussen lichaam en ziel, Tao.
Het is de kunst van het lichaam om ruimte te geven aan de ziel.
Wij genieten van wat is (materie), door in de leegte te zijn.
Mijn besef over binnen en buiten, lichaam en universum wankelt hierdoor.
De cirkel voelt opeens allemachtig rond.

Ursula Le Guin vertaalt de laatste alinea prachtig:

Cut doors and windows
to make a room.
Where the room isn't,
there's room for you.