©  george burggraaff
© 2017 George Burggraaff

Toelichting bij Tao tekst 23

Je kunt altijd terugkeren.

Een mooie, hoopvolle tekst.
De Tao en de stilte liggen dicht bij elkaar.
En toch is er beweging, het leven zelf, de Tao.

Stormen en wolkbreuken duren echter maar kort.
Zijn het metaforen voor oorlogen en ruzies?
Het lijkt een pleidooi voor relativering.
De rust keert altijd terug.
Er zijn meer rustige tijden dan onrustige.

Rust is van binnen, je innerlijke kracht.
Waar je aandacht aan besteedt, dat wordt sterker.

Mijn introductie hier van het woord zwerven wijkt af.
Andere versies spreken van verlies of verdwalen.
Het Tao´sme heeft iets van zwerven door het leven.
Op zoewk blijven, nergens bij horen, tekst 20.

Dan de slotzin, annex conclusie.
Zoals de waard is, vertrouwt hij zijn gasten, zeggen wij.
Waar je mee bezig bent, dat word je.
Wie geen vertrouwen heeft, die wordt niet vertrouwd.
Dit tegenover het begin, er is meer stilte, dan lawaai.
Waarom dan toch kiezen voor
wantrouwen, wolkbreuk of zwerven?

In sommige tekstversies ontbreekt de laatste regel,
omdat het een herhaling is uit tekst 17.